maandag, 10/12/2018 | 11:56 CET+0

De schepping
In het begin heeft God de hemel en de aarde gemaakt. De zon en de maan heeft God gemaakt. Ja, de hele kosmos met alle sterren, planeten, melkwegstelsels zijn het werk van de Schepper. Ook alles wat leeft heeft God gemaakt, alle dieren en planten en de mens zijn door God geschapen. God is de bron van alle leven.

Het paradijs
Nadat God de mens geschapen had, woonden Adam en Eva in het paradijs. De mens was geschapen naar het beeld van God. Maar de mens was niet gelijk aan God. Het paradijs was een hemelse toestand van volmaakt geluk, waarin de mens in direct contact was met God. De mens was zich toen van geen kwaad bewust. Kende geen oorlog, misdaad, verdriet, schaamte of schuldgevoelens, zelfs geen ziekte en dood. Al deze dingen waren er eenvoudig niet. Daarbij leefde de mens in volledige vrijheid, met een eigen verantwoordelijkheid, en een eigen wil en in harmonie met God. De verantwoordelijkheid die de mens kreeg was het beheer over de schepping. God heeft de mens dus niet als een robot gemaakt, en deze robot geprogrammeerd om alleen het goede te doen. Zoals ook de bron geen zeggenschap heeft over de loop van de rivier, heeft de mens vanaf het begin zijn eigen loop bepaald en kunnen kiezen om goed of kwaad te doen. Welke waarde zou het goede ook hebben als het, in plaats van een persoonlijke keus, een automatisme zou zijn? In het paradijs waren twee bijzondere bomen, de één was de boom des levens, en de andere de boom van de kennis van goed en kwaad. En God had gezegd dat de mens de vruchten van alle bomen mocht eten, behalve van de boom van de kennis van goed en kwaad. Als van die boom gegeten werd zou dat de dood tot gevolg hebben.

De satan
De grote zonde is het streven, of het idee gelijk of hoger dan God te zijn. Dit streven leidt uiteindelijk altijd naar de ondergang. In de hemel zijn de engelen, de dienaren van God. Een van de engelen was de engel van het licht. Deze engel was hoger dan al de andere engelen. Toen is er iets vreselijks gebeurd. Ondanks zijn hoge positie had deze engel het plan opgevat nog hogerop te komen, hij wilde gelijk aan God zelf worden. Dit plan is niet gelukt, en deze engel is de hemel uitgeworpen. En ook al zijn engelen die met hem hadden meegedaan. Sindsdien is hij de tegenstander van God. Ofschoon hij zich tot op de dag van vandaag nog steeds als een engel des lichts kan voordoen, is hij niet langer de vertegenwoordiger van het licht maar van de duisternis. Wij noemen hem de duivel, of de satan. De Bijbel beschrijft: ‘U bent nu uit de hemel gevallen, morgenster, zoon van de dageraad! Want u zei bij uzelf: ‘Ik zal de hemel bestormen en hoger dan de sterren heersen. Ik zal de hoogste troon bestijgen. Ik zal opklimmen tot in de hoogste hemelen en gelijk zijn aan de Allerhoogste. Maar in plaats daarvan zult u in het diepst van het dodenrijk worden geworpen’.
‘Zij werden uit de hemel weggejaagd. De grote draak, de oude slang -ook wel duivel of satan genoemd- die alle mensen ter wereld verleidt, is met zijn engelen op de aarde gegooid’. De Bijbel waarschuwt ons voor valse dienaren van Christus: ‘Satan zelf kan zich voordoen als een engel van het licht. Het is dan ook geen wonder dat zijn handlangers zich voordoen als oprechte dienaren van God. Maar op het laatst zullen zij allen de straf krijgen die zij voor hun wandaden verdienen’.

De zonde
Op aarde heeft de duivel zijn strijd tegen God voortgezet. En heeft met succes de mens tot het kwaad verleid. De duivel heeft op een listige manier verteld dat het eten van de boom van de kennis van goed en kwaad niet de dood tot gevolg zou hebben, maar dat God de mens dit verbod had opgelegd om de mens te verhinderen kennis te krijgen van goed en kwaad en daarmee aan God gelijk zou worden. Toen heeft Eva van de boom gegeten, en heeft op haar beurt ook Adam ervan laten eten. Daarmee begingen ze de grote zonde van ongehoorzaamheid aan God. Ze wilden gelijk zijn aan God.

Het gevolg
De zonde was het einde van het paradijs. Tegelijkertijd was dit het begin van de dood precies zoals God tevoren had gewaarschuwd. Deze gebeurtenis, dit grote drama wordt de zondeval genoemd. De mens werd verbannen uit het paradijs, en kon ook niet meer eten van de boom des levens. Op dat moment is de aarde vervloekt en zijn alle slechte dingen in de wereld gekomen, die iedereen kent: moeite, verdriet, ongeluk, ziekte, pijn en dood, liefdeloosheid, haat en nijd, zelfzucht, ontevredenheid, verslaving, leugen en bedrog, misdaad, terrorisme, oorlogen en rampen.

De uitweg
God is zo oneindig goed, dat ook al heeft de mens de zaak verknoeid, Hij zijn schepping niet in de steek wil laten. De grote schuld die de mens op zich heeft geladen, kan door de mens door zijn zondige natuur niet ongedaan gemaakt worden. Toch moet, wil er een oplossing komen, voor die schuld betaald worden. God is goed én ook rechtvaardig. Op het moment van de zondeval is God een plan tot herstel begonnen. Hij kondigt de vernietiging van de duivel aan door een nakomeling van Eva. Deze nakomeling is de Here Jezus. Die zou de schuld op zich nemen van de mensen. En zou daarvoor de straf dragen. Dit is gebeurd door de kruisiging op Golgotha. Daarmee heeft de Here Jezus de weg weer vrijgemaakt om tot God te kunnen komen. De definitieve vernietiging van de duivel zal nog plaatsvinden, wanneer God een nieuwe hemel en een nieuwe aarde zal maken. Dat God er niet direkt een einde aan maakt is gewoon genade. Want tot die tijd kan door het lijden en sterven van de Here Jezus ieder die in God gelooft vrijgemaakt worden van zonden. De Bijbel zegt: ‘Maar wie blijft zondigen, bewijst daarmee dat hij bij de duivel hoort, die nadat hij voor het eerst gezondigd had, altijd is blijven zondigen. Maar de Zoon van God is gekomen om aan de aktiviteiten van de duivel een einde te maken’.

De Here Jezus
Hij is de Zoon van God en op aarde gekomen om voor ons de schuld te dragen en de dood te overwinnen. Hij is voor ons vrijwillig aan het kruis gestorven. Maar Hij is na drie dagen opgestaan uit de dood en is nu in de hemel om voor ons te pleiten en een plaats te bereiden.

En nu?
Door het verzoenend bloed van de Here Jezus, kan een ieder die in God gelooft, weer tot God komen. Hij heeft gezegd: ‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven, niemand komt tot de Vader dan door Mij’. In het laatste deel van de Bijbel staat dat de Here Jezus hen die geloven te eten geeft van de boom des levens, die in het midden van het paradijs van God is.